De tuin van Gerrie Glerum aan de Frans Halslaan is geïnspireerd op de ideeën van de bekende Nederlandse tuinarchitect Mien Ruys.
De tuin van Gerrie Glerum aan de Frans Halslaan is geïnspireerd op de ideeën van de bekende Nederlandse tuinarchitect Mien Ruys.

Heerlijk dwalen door kleurrijke tuinen tijdens Open Tuinenweekend

Actueel 177 keer gelezen

Bergschenhoek – Afgelopen weekend stelden zestien tuineigenaren in Berkel en Rodenrijs, Bergschenhoek en Bleiswijk hun tuin open voor publiek. Het Open Tuinenweekend is de afsluiting van de Groei & Bloei Nationale Tuinweek. Groei & Bloei heeft 130 afdelingen in het land, waarvan de afdeling Lansingerland er één is. Deze actieve vereniging organiseert allerhande groene zaken voor tuinliefhebbers, zoals lezingen, workshops, ruilbeurzen, tuinbezoek en excursies. 

Tijdens het Open Tuinenweekend kun je heerlijk dwalen door allerlei verschillende tuinen: ontdek mooie en bijzondere bloemen- en plantencombinaties, wandel door origineel ontworpen tuinen en bekijk allerlei materialen en toepassingen. Het is een mooie gelegenheid om andere tuinliefhebbers te ontmoeten, tips en trucs uit te wisselen en vernieuwende ideeën op te doen voor je eigen tuin. Eén van de twee tuinen in Bergschenhoek die je kon bezichtigen, was die van Gerrie Glerum aan de Frans Halslaan. De tuin is ongeveer 85 vierkante meter groot en heeft twee zithoeken, een schuurtje met daarachter een werkhoek, een vijver, drie appelbomen en diverse vierkante bloemperken, geïnspireerd op de ideeën van de bekende Nederlandse tuinarchitect Mien Ruys. Bij binnenkomst oogt de tuin niet direct heel groot, maar hoe langer je kijkt hoe meer je ontdekt. “Dit is de eerste keer dat ik meedoe”, vertelt Gerrie. “De afgelopen tien jaar heb ik veel rondes gemaakt om tuinen te kijken, maar nu ik met pensioen ben en meer tijd heb vond ik het leuk om nu zelf een keer mee te doen. En het is goed bevallen, er zijn beide dagen zo’n twintig mensen geweest. De bezoekers die je tuin binnen stappen vinden tuinieren ook leuk, anders doe je dat niet en het mooie is dat iedereen weer van elkaar kan leren. Ik ben altijd wel bezig geweest met tuinieren, bij ons vorige huis heb ik ons tuintje van lieverlee opgebouwd. Als je jong bent ga je niet meteen je tuin laten ontwerpen, dus ik kocht plantjes, maar deelde, stekte en ruilde ze ook. En bovendien geef ik veel om de natuur.”
Gerrie probeert alles wat ze leest ook toe te passen. Zo is het bijvoorbeeld niet altijd handig om ladingen vol potplantjes te kopen, waar plaatselijke insecten hun weg niet in weten te vinden. “En er wordt ook veel gif gebruikt”, zegt Gerrie. “Soms zonder dat we het weten, zulk soort dingen probeer ik nu ook steeds meer uit te pluizen. Insecten krijgen dat toch binnen. Soms denk je dat je goed met de natuur bezig bent, maar dan blijkt dat dus helemaal niet zo te zijn. Zo wordt er ook veel nieuwe tuinaarde gekocht terwijl dat eigenlijk helemaal niet altijd nodig is. Je kunt beter met je eigen aarde bezig blijven en op een goede manier iets toevoegen. Je ziet ook dat eenjarige planten zelf opgekweekt worden om te zorgen dat ze er mooi uitzien en beter verkocht worden. Daarmee putten we de aarde uit. Wellicht is het onwetendheid, maar we leven ook in een consumptiemaatschappij. Alle oude dingen worden weggegooid en dat hoeft helemaal niet per se. Als je een dode plant uit de tuin haal, haal dan bijvoorbeeld even de aarde van de kluit. Verderop in de buurt houd ik ook een klein tuintje bij voor de gemeente en ik heb al diverse dingen eruit gehaald en ergens anders neergezet. Het hoeft niet per se groots te zijn: als er nog drie groene sprietjes aan zitten vind ik het leuk om dat leven weer helemaal op te laten bloeien zodat het er weer harstikke goed uit komt te zien. Zo zit ik gewoon in elkaar.” Gerrie vindt het jammer dat de ene na de andere tuin wordt betegeld. “Er zijn ook zat onderhoudsvriendelijke planten”, benadrukt ze. “Al doende leer je wat werkt en wat niet. Met bepaalde planten heb ik het al twee of drie keer geprobeerd, maar die doen het hier niet. Andere doen het prachtig en daar hoef ik ook eigenlijk bijna niets aan te doen. In de tuin heb ik onder meer gaura, verbena, hosta’s, duifkruid, zeeuws knoopje en verschillende soorten hortensia’s, voornamelijk in de kleuren paars, lila en roze. We gebruiken geen gif en doen alles op de natuurlijke manier. Als je echt een bijentrekker wilt hebben, is kattenkruid een aanrader, dan heb je gegarandeerd bijen in je tuin. Al dat gezoem is zo leuk om te zien en te horen. Ik duik vaak de tuin in: het is echt mijn ontspanning, ik kan mijn hoofd leeg maken en ik ben gewoon een buitenmens. Ik pak altijd lekker de fiets, tenzij het hoost natuurlijk. Mijn tuin is eigenlijk een mooi boeket waar ik tegenaan kijk. Ik geniet ervan als er veel beesten op af komen. Er ligt altijd een appel op het gras en er zijn waterbadjes, waardoor er veel vogels in de tuin zijn. En er komt een egel, die eet de slakken op. Ik hoorde vandaag dat merels ook slakken eten. Dat wist ik niet, dus weer iets geleerd!”

Uit de krant